Archief van
Tag: seizoen

Fin de saison

Fin de saison

Al vroeg in het seizoen domineert het goud in de boomtoppen. Door een koperen gloed omgeven, zachtjes ruisend op het ritme van een tropische rest van een overzeese orkaan.
Groepjes wilde ganzen vliegen kakelend over mijn hoofd, op zoek naar de juiste aanvliegroute. De kastanje van de buurvrouw buigt haar zware kruin, gedrapeerd met roodbruine kroonjuwelen.
Na het diner is de zon plots uit mijn gezichtsveld verdwenen. Zomaar. Een kopergouden melancholie overvalt me. In de herfst zit mijn kracht niet verborgen. Wanneer de blaadjes vallen, dwarrel ik dapper mee, de put in. Het najaar staat model voor het einde. Afscheid. Laten we zeggen dat ik daar niet zo goed in ben, al zal ik in april volgend jaar weer euforisch roeptoeteren over de meer dan tachtig tinten groen in de natuur.
Wanneer ik het nieuws aanzet, overvalt me een blijmoedig humeur, wanneer het grijnzende postzegeltje van weerman Piet P. uit Friesland zijn intrede doet. Werkelijk, die man lacht altijd. Deze keer lach ik mee want het komt allemaal goed, met dat weer. Een restje tropische storm uit weet-ik-veel-waar doet ergens deze week haar intrede. Een goed stormpje dit keer, want deze neemt de nazomer met zich mee. Waarin vijfentwintig graden. Of meer.
Mijn barbecue-attributen juichen en mijn bikini worstelt zich uit de lade. Ik hoor nog iets rammelen in de kast. Mijn slippers. Ze dansen de bijkeuken uit, op weg naar de tuin. Mijn humeur danst er zonnig achteraan. Richting nazomer. Nog even uitstel. Heel eventjes.
Later deze maand zal het gerust losbarsten. Het herfstfeest. Met regen. Maar ook met honderdtachtig tinten goud. Koper. Groen. En bruin. Mijn fornuis zal uit haar dak springen van de stoofschotels. En dito peertjes. Ja helaas, de natuur sterft een beetje af. Om te slapen en vervolgens te rijpen. Zodat ze volgend voorjaar nog mooier weer opnieuw ontwaakt.
Het enige sprookje dat écht bestaat.

Lichtpunt

Lichtpunt

SAMSUNG

“Het nieuwe jaar heb ik toch  maar mooi gehaald,” verzuchtte mijn moeder opgelucht op zondagavond 30 december 2012. Voorzichtig vertelde ik haar, dat het nog niet zover was. Dat er nog een nachtje tussen zat.  Gierend van het lachen gingen we slapen, op weg naar  Oudjaar.
Ze ging vroeg naar bed op Oudjaar, om tot onze grote verrassing om drieëntwintig uur dertig, vlak voor  het knalwerk begon, met rollator te verschijnen. In vol ornaat. Ze wilde het vuurwerk niet missen. Mijn moeder, die tot dan toe ieder hard geluid haatte en steevast met stukken keukenrol in haar oren gepropt het nieuwe jaar inluidde. Maar de kleinzoon overwon en het laatste vuurwerk ook.
Met die gedachte in mijn achterhoofd kruip ik aan de keukentafel, mijn vertrouwde schrijfplekje, welke inmiddels wederom is volgestouwd met knetterwerk van de puber. Tussen de vele knalpotten door, ontwaar ik vele  lichtpijlen.
Ineens valt het kwartje. Zonder donker geen licht, zonder zwart bestaat geen wit. Ja, 2013 was een zwart jaar. Een jaar waarin ik afscheid nam van mijn moeder, haar honderden manieren van glimlachen, haar dromen, haar idealen en gedachten.  Ik nam afscheid van de koffie, voor het werk uit. Daarmee verliet ook Douwe Egberts ons huis voorgoed. Ook volgde een afscheid van de dagelijkse en politieke overpeinzingen. Er bestond geen wederzijds gemopper meer over de dingen die er niet toe doen en toch een belangrijk deel van ons leven innamen. Het weer, bijvoorbeeld.
Toch was niet alles in 2013 een verlies. Ook al stierf mijn moeder, haar liefde deed dat niet. Een lichtpunt was, dat ik haar na een periode waarin ik haar veel met de buitenwereld moest delen, enkele dagen voor mezelf heb mogen houden. Zonder gepottenkijk van buitenaf, enkele lievelingen daargelaten. Nog alles kon ik tegen haar zeggen waarvan ik dacht, dat het belangrijk was. Als punten om mee te nemen,  naar de hemel. Want de reis was lang. Althans, dat nam ik aan. Haar eeuwig zwijgende lippen deed ik zalven. Haar handen masseerde ik. Wist ik of het spreken, evenals het harde werken, ophield?
Zonder overlijden geen uitvaart. Waarbij ze een nacht onder de altijd durende bijstand mocht verblijven. Als ze dat toch eens had geweten. Wie weet.  Het kerkelijk afscheid, dat ik op goed geluk voorstelde en dat met veel enthousiasme van haar zijde werd begroet.  Met als eindpunt de besloten crematie. Een verschrikkelijk gebeuren maar zonder dat had ik haar as niet kunnen ophalen en de plek geven, die we samen, bij leven en welzijn, hadden uitgekozen.
De zoektocht in huis. Lege plekken werden door elkaar gegooid, herverdeeld en gevuld. Opnieuw bracht het licht uitkomst in de donkerte. In de vorm van het zonlicht, dat we niet eerder vanaf de zuidwestkant van het huis konden begroeten. De avondzon verscheen plots in ons leven, inclusief prachtig strijklicht. Lezen in de avonduren werd weer een mogelijkheid. De donkere dagen in december, brachten de kerstlichtjes mee. Deze verlichtten niet alleen het huis maar ook mijn hart.
Vandaag is het Oudjaar. Voorheen  keek ik op die dag graag een jaartje achteruit. Dit jaar is het anders, tel ik mijn lichtpuntjes en kijk ik liever graag een beetje vooruit. Op weg  naar nieuwe herinneringen. De oude gaan niet verloren; ik berg ze liefdevol op, ergens  in een hoekje van mijn hoofd. Opdat ik niet vergeet, noch erin verzand.
Eenendertig december tweeduizenddertien plus tien weken = mijn verjaardag. Tel daar nog eens tien dagen bij op en het is voorjaar. Dat lijkt me een goede start van mijn nieuwe jaartelling. Daarbij opgemerkt , dat de winter best nog even mag blijven; zonder winter komt die lente er immers niet.