Archief van
Tag: ontwikkeling

Diep-lo-MA

Diep-lo-MA

Het blonde smoeltje steekt met een grijns zijn tong naar me uit. Met een blauw-geruit overhemdje kijkt hij onbevangen de wereld in, heeft hij maling aan alles wat er om hem heen gebeurt, geniet van het moment. Hij logeert bij oma, elke week een feestje op zich. Alles zit in het moment, elke gebeurtenis is bijzonder.

Het smoel is nog immer herkenbaar, al zijn we twaalf jaar verder en is het witblonde dons inmiddels donker, stug mannenhaar geworden. Inmiddels meet hij één vierentachtig schoon aan de haak en heeft hij dit jaar voor een mensenleven aan papieren, plastic kaartjes en diploma’s binnen gesprokkeld.

Het begon in januari, met zijn rijbewijs. Plots moesten wij als ouders wennen aan een autoloos bestaan. Het was grappig tegelijk; niets was meer vanzelfsprekend en ook over het meenemen van de vierwielers bleken afspraken handig. Gelukkig kan ik altijd over vier wielen beschikken; mijn twee fietsen staan gewillig klaar. (Overigens zijn met de komst van Thor onze autoproblemen voorlopig weer opgelost).

Vervolgens kwam in april het vaarbewijs 1 aan de beurt. Daarmee heeft zoonlief het ticket naar Fryslân verdiend, voor de solarboot challenge, die hij met het ROC deze zomer ten afscheid van de MTS (MBO) gaat beleven. Niet veel later werd – vrij kalm, overzichtelijk en gedisciplineerd – het stageverslag ingeleverd. Nu heb ik niet zo lang geleden een boek geschreven maar mijn zoon wint het. Een dikke A4 map, met werkbeschrijvingen, handleidingen, onderhoudsvoorstellen en onderdelenlijsten voor machines waar ik nog nooit van heb gehoord en waarvoor zoonlief zijn hand niet omdraait.

Inmiddels weten we voor 95% dat hij binnenkort het MTS-diploma (MBO) uitgereikt krijgt en heeft hij deze week zijn vaarbewijs 2 gehaald, waarmee zijn projectbaan als stuurman op de solarboot te Monaco (zie ook Op koers) zeker lijkt gesteld.

Er gebeurt dus momenteel veel in onze levens. Zoonlief gaat binnenkort met zijn jaargenoten naar Zuid Frankrijk. Een belevenis die hij de rest van zijn leven niet meer zal vergeten. Het wordt een reis waarin hij competenties en ervaring  gaat combineren met het aanleggen van een nieuw (professioneel) netwerk, met mensen die dezelfde interesse hebben en net zo gek enthousiast zijn om in zo’n iel, smal bootje op te stappen om de Middellandse Zee te bevaren Het wordt een echte ontdekkingsreis.

Het brein van de moeder van de stuurman draait echter overuren. Over verzekeringen, vaarroutes, rijd- en pauze schema’s onderweg en met lijstjes van nog in te pakken tassen. Het is zinloos want ik heb me er niet mee te bemoeien; er gaan voldoende leraren mee en zelfs ik moet toegeven dat overal aan is gedacht. In mijn hoofd dwarrelt nog een wolkje van drie-keer-per-week wiskundig schema van de HvA; restant van een waanzinnig rooster in de maand juni, waarin de stage werd afgewerkt, evenals er aan de solarboot werd gesleuteld en er werd geleerd voor het vaarbewijs 2. Na Monaco moet er nog een certificaat Wiskunde worden binnengehaald, om te kunnen beginnen aan de volgende studie Engineering aan de HvA. Aangezien mijn kind beter weet dan ik waar hij gisteren, vorige week, vandaag en binnenkort op welke tijd moet zijn, heeft hij zijn bewijs van zelfstandigheid meer dan geleverd.

Voorzichtig beweeg ik mijn handen rustig over mijn voorhoofd en mompel een mantra waarin het woord loslaten is opgenomen. Zachtjes mopper ik richting het mijnenveld in mijn buik, die na negentien jaar nog niet lijkt te snappen dat de navelstreng destijds in 1999 werkelijk is losgeknipt.

Rijbewijs

Rijbewijs

De kogel is door de kerk, junior heeft zijn rijbewijs gehaald. Maanden hebben we er naartoe geleefd. Dat wil zeggen theorie overhoord, kruispunten getekend, voorrangssituaties nagebootst met spullen op tafel.
Het had wat voeten in de aarde want leren autorijden gaat iets lastiger met dyslexie, zo ontdekten we halverwege de rit. Het deed een beetje denken aan de zwemlessen van vroeger maar dan toch een beetje anders. Immers daar zat ik iedere zondagmorgen braaf om half negen, nog wat slaperig, aan de rand van het zwembad. Een dampende kop koffie in de hand, in een halfslachtige poging iets wakkerder te worden.
Ook daar duurde het even voor junior de juiste slag te pakken had. Drie of vier dingen tegelijk doen in het water bleek in de praktijk moeilijker dan het eruit zag. Onder water zwemmen ging prima. Er was een mooie slag en zo soepel als een vis zwom ons kind al gauw de lengte van het zwembad over. Maar van zwemmen is het ook bekend dat het handig is wanneer je het ook bóven water kunt en op de een of ander duistere wijze bleek er dan altijd een setje ledematen niet mee te willen doen. Tot de gang er eenmaal in kwam, toen was het ook gauw bekeken. Twee maanden later was het kind drie zwemdiploma’s rijker.
Met het leren autorijden zat ik er uiteraard niet bij. Ik keek slechts toe wanneer junior de straat uitreed, soms wanneer hij het niet in de gaten had om hem zodoende niet af te leiden. In het begin ging het wegrijden nog wat onwennig, hortend en stotend. Later reed junior de straat uit, nadat hij eerst had gekeerd op onze oprit, als volleerd chauffeur. Langzamerhand groeide het zelfvertrouwen van junior in de auto en in zichzelf. De bewegingen werden vlotter en oogden soepeler. De automatische piloot van junior kwam op gang, meer nog, kwam op stoom.
Dientengevolge werd er vorige week vrijdag afgereden. Geslaagd, in één keer en met de complimenten van de examinator, die vertelde lekker ontspannen te hebben meegereden. Het was de kers op de taart in een week waarin eerder nog verbale schermutselingen waren geweest met de rijschoolman over het stuur stilhouden op een rechte weg, de weg af blijven scannen en minstens drie dingen tegelijk moeten kunnen doen. Daarnaast, zo vond de rijschool man, moest junior eens meer vertrouwen hebben in zichzelf. En laat hij dat nou net heel moeilijk vinden.
Weer beleven we een mijlpaal, mogen we een verse krijtstreep op de muur zetten. Mijn moeder zou apetrots zijn geweest; helaas kan ze het slechts op enige afstand vanaf haar wolkje meebeleven. Ik ga er tenminste van uit dat ze ergens iets van ons ziet en trots tegen haar medehemelaars opschept hoe geweldig haar kleinkind is.
Uiteraard ben ik ook supertrots en toch ben ik tegelijkertijd doodsbang. Mijn jonge vogel vliegt uit, gaat autorijden. Uit het nest, zo de boze wereld in vol verkeerspleinen, rotondes en invoegstroken, gehinderd door psychopathische gekken die hun roze kaartje óók hebben en helemáál niet fatsoenlijk rijden.
Ook zal ik eraan moeten wennen dat ik mijn auto kwijtraak.
Morgen is het zover, dan mag hij zijn roze kaartje ophalen. Een stille zucht ontsnapt uit de binnenkant van mijn moederlijk bestaan.