Archief van
Tag: leren

#teamslak

#teamslak

Ergens op mijn trainingsroute, tussen de 10 en 12 km is het misgegaan. Tijd en afstand werden belangrijker dan het plezier in hardlopen. Ik ging ging jagen op prestaties en medailles. Op de overgang naar 2019 lag de valkuil, met mijn naam erop. Ik vloog eroverheen, in de overtuiging hem te vlug af te kunnen zijn. In januari vloog ik erin, met boter en suiker.

Al eerder in de herfst van 2018 had ik al voortekenen gekregen met hier en daar wat pijntjes. Deze wuifde ik glimlachend weg. Hardlopen was ook een beetje afzien en niet voor watjes. Weliswaar trainde ik op wat lager tempo maar de onrust won, liet ik winnen.

Nu ik bijna een maand niet meer heb hardgelopen, kan ik mijn acties van een zekere afstand bekijken. Ik schrik van het feit dat ik onbewust en onbedoeld van een ontspannen, recreatieve mindfulle loper, #teamslak metamorfoseerde naar een medaillegevoelige prestatieloper. Overigens in recordtempo.

Ik werd zo’n hardloper die voor een loopje steevast mekkert over van alles en nog wat, dat het vast niet gaat lukken om een tijd te halen. Want niet goed gerust, eten niet goed gevallen, blabla, etc. En dan tijdens een wedstrijd gewoon lekker lopen. Kortom: gezeur over niks. Ik leek op zo’n brugklasmiep die je vroeger in de klas had zitten. Zo’n zeikwijf dat altijd roept niet geleerd te hebben voor een schriftelijke overhoring Frans en die – heel verrassend – toch altijd een tien haalt.

Hardlopen is blijkbaar meer verslavend dan ik had ingecalculeerd en eerlijk gezegd moet ik bekennen dat ik het geen gezonde verslaving vind. Het is net zo ongezond als alcohol en roken, wanneer je verslavingsgevoelig bent en dat ben ik, jammer genoeg. De rush van het hardlopen zit echter verstopt onder een vals laagje gezonde sportiviteit dat, wanneer je niet oplet en gevoelig bent, net zo ongezond wordt als anorexia.

Op zich is er niets mis met jezelf willen verbeteren, het meten van prestaties en je grenzen opzoeken, verkennen en mogelijk verleggen. Maar voor mijn persoonlijkheid, met in haar pakket de elementen verslavingsgevoeligheid en eeuwig werkende intenne, is het ongezond en zelfs gevaarlijk. Het botst aan alle kanten; niet alleen op blessuregebied maar ook op geestelijk vlak.

Mijn blessure is daarom misschien wel een beetje mijn redding geworden. Het kan bijna niet anders want na wat pijnvrije dagen ontstond er een tweede spierknoop, waarmee hardlopen voorlopig van de agenda is geveegd. Het gekke is: ik vind het prima, ik ervaar rust, er is kalmte.

Het gaat goed komen, daarvan ben ik overtuigd. #teamslak wordt binnenkort weer een werkwoord om trots op te zijn, krijgt een nieuwe impuls. Slakken zijn namelijk heel belangrijk voor het hardlopen. Ze doen de hazen immers sneller lijken.

Soleus, serieus

Soleus, serieus

Na twee weken fysio ben ik nog steeds lid van het#TNL ofwel Team Niet Lopen. Inmiddels heb ik een maand lang (op twee keer een kleine training plus die pijnlijk afgelopen Vondelparkloop na) niet hardgelopen. Tot mijn verbazing bestaat de wereld nog, is ook nog steeds rond en uw Lettersmid loopt er bedaard en in volledige berusting rond. Er is vrede.

Ja, ik mis het hardlopen en toch ervaar ik tegelijkertijd berusting. Het klinkt ongelooflijk vanuit mijn als onrustig te boek staande bovenkamer en toch is het zo. Tijdens mijn dagelijkse wandel-naar-mijn-werk sessies kom ik verrassend dichtbij mijn kern. Waar ik normaal gesproken ongeduldig word en ongedurig na een week of wat niet bewegen, is er een rust over me neergedaald om deze blessure zonder verder oordeel te aanvaarden. Anders gezegd: ik zie wel waar het me brengt.

Het voelt als een verademing. Tussen de bedrijven door fiets ik rondjes van wel twintig kilometer langs koeien, schapen en ganzen, op mijn historische, fantastisch gerestaureerde mountainbike. Ik trap prachtige ronde bewegingen, versnelling lichtjes afgesteld want ik wil mijn benen niet te zwaar belasten. En het fietst gewoon zo lekker. Daarnaast doe ik braaf de precieze hoeveelheid opgegeven krachtoefeningen van de fysiotherapeut en als kers op de taart sta ik tweemaal per week 10 minuten (opbouwen, rustig opbouwen) op de crosstrainer, begeleid door een fijn muziekje in mijn oordopjes.

Mijn blessure maakt me niet alleen nederig; meer nog maakt het me eveneens bewust van de manier waarop ik me door het leven beweeg en waarom ik dat zo doe en niet anders. Er ontstaan vragen in mijn hoofd, die soms wel en niet altijd direct om antwoorden vragen. Wat voor loper was ik nou eigenlijk en wat heeft het me tot nu toe gebracht? Welke status heb ik mezelf als hardloper eigenlijk aangemeten? Was dat terecht? Ben ik de loper die ik zou willen zijn? Belangrijkste vraag: wat laat ik achter bij mijn scholspierblessure en wat ga ik meenemen in mijn herstel?

Tot mijn verbazing liggen de antwoorden hierop best ver uit elkaar. Opnieuw beginnen is daarmee misschien niet eens zozeer een straf. Wanneer ik het opschrijf schrik ik ervan, klinkt het zo niet van mij maar opgelepeld van iemand anders. Tot mijn verbazing voelt het echter meer mezelf dan ooit tevoren.