Archief van
Tag: groei

Mijlpalen

Mijlpalen

Er zijn verschillende gewichtige momenten in het leven van mijn kind geweest, die evenredig van significant belang waren voor mij als moeder. De eerste glimlach, het staan, de eerste stappen lopen, het zelf leren eten.
Later werden de vorderingen wat moeilijker. En loopfietsje werd een fiets met zijwielen en ineens kon het (na een uitdaging) los. Zwemmen. De vlindertjes om de armpjes verdwenen en na een tijdje aan de zwembadrand te hebben doorgebracht, bleek mijn kind over duik kwaliteiten te beschikken.
En zeer vlot met een regenpak aan te kunnen zwemmen.
In groep 3 kwam hij elke dag uit school met een nieuw woord dat hij kon lezen en soms kon hij het ook al opschrijven. Met links, dus soms in spiegelschrift. Een opstel werd een werkstuk en nog later een verslag. Bij elke mijlpaal werd zijn wereld en dus ook die van mij, vergroot. In groep 8 volgde een CITO score. Beetje bij beetje verdween het jongetje en ontwaakte de tiener.
Een stageweek later had mijn kind ineens een bijbaan, als vijftienjarige fietsenreparateur. Van versnelling uit elkaar zetten en weer in elkaar puzzelen tot een band repareren, het ging vlekkeloos en vrij gemakkelijk. Voor ik het in de gaten had, stond het examen van het voortgezet onderwijs voor de deur. Na enkele weken en een dag of wat nagelbijten konden we ineens een vlag en een rugzak ophangen en ging de brug naar de volgende route open. Op weg, richting volwassenheid.
Deze mijlpalen heb ik regelmatig met verbijstering gevolgd, doordat mijn hoofd niet altijd begreep dat het heus toch al echt zover was gekomen. Ineens keek ik op tegen mijn kind, een krathoogte groter dan ik, om hem in zijn vaders ogen te kunnen aankijken. De glimlach is eveneens een kopie van zijn vader geworden, zijn uitstraling komt van mij.
En toen was er zomaar ineens de dag waarop hij plaatsnam achter het stuur van een Ford Fiesta. Nu zit er nog een L op het dak van de auto geplakt maar dat zal mogelijk niet heel lang duren. Terwijl hij de straat uitrijdt, loopt mijn gemoed over en mijn oogwater ook. Het is verdorie ook wat, mijn kind rijdt auto. Weer een nieuwe ervaring en wat voor een. Voor hem en ook voor mij.
Opnieuw vaart hij verder, volgt zijn eigen koers. Gewapend met zijn gebruiksaanwijzing die regelmatig zoek is (niet meegeleverd!) en een humeur waar ik soms op zou willen schieten, blijft mijn kind, tevens geladen met humor en zijn twee rechterhanden, een fantastisch mens in wording.
Ja ik weet het, blinde vlek. En ja, hij is niet van mij. Ik mag hem slechts een tijdje bij me houden, op weg naar zelfstandigheid. Maar ik hoop van harte dat hij zich nog een tijdje aan mij laat uitlenen.
Want ik leer van hem net zoveel als hij -hopelijk- van mij doet.

Leergang

Leergang

Meer dan veertig jaar geestelijke achterstand wegwerken. Dat klinkt zwaar en toch is het vrij gemakkelijk. Sinds ik me in het onderwerp HSP ben gaan verdiepen kom ik thuis en regent het kwartjes, ter hoogte van een jaarsalaris.
Soms komt er verdriet om de hoek kijken want wat had ik dit graag eerder geweten. Het had een hoop gebeurtenissen in mijn leven anders kunnen laten verlopen. Correctie: ik had er op een andere, meer ontspannen manier mee kunnen omgaan.
Ik lees, nee, verslind boeken van Antoine van Staveren, Annek Tol en Ilse Sand. Gegierd van het lachen heb ik om de herkenning van een beschrijving van HSP in werk en beroepen. Daarnaast heb ik hartelijk gegrinnikt om het feit waarom ik zo’n ontzettende (bloed)hekel heb aan op vakantie gaan met de auto.
Tegelijkertijd leer ik wat de reden is waarom ik niet meer wil rijden in onze schakelbak terwijl ik het automaatje van #MissAlzheimer omarm. Mijn gegronde hekel aan het werkwoord moeten, krijgt een natuurlijk plekje. Mijn hypernervositeit wanneer ik tijdens werkzaamheden op mijn vingers wordt gekeken, is ook zo’n eyeopener.
Mijn levenswekker gaat af. Het is lente in mijn hoofd en in mijn lijf. De energie stroomt en ik bruis. Ik begrijp nu waarom ik op mijn werk de vele neventaken en -klusjes zo verschrikkelijk graag doe en deze niet zou willen missen.
Keerzijde is dat ik nu ook weet waarom ik eigenlijk niet zo geschikt ben voor het werken op een polikliniek. Een vaag “dingetje” waar ik al een aantal jaren tegenaan loop, zonder daadwerkelijk te kunnen benoemen waarom dat zo voelt. De ongeschiktheid komt niet door mijn collega’s, mijn polizusjes, die zoveel geduld met mij hebben en me liefdevol opvangen en begeleiden. Ook de patiënten zijn geen oorzaak want voor hen ben ik namelijk zeer geschikt. Het is het gedoe eromheen.
Telefoons die rinkelen met een patiënt aan de balie die een pen aan je vraagt, terwijl ook de dokter aan je jasje trekt met de vraag of je de vervolgafspraken en de opname voor diezelfde patiënt aan de balie wel hebt geregeld. En oh ja, het spreekuur van vrijdag moet nog even “omgegooid” want er zit een fout in het rooster. Geloof me, op dagen waarop ik spreekuren draai, doe ik mijn uiterste best om halverwege de dag niet te snauwen of in huilen uit te barsten.
Waar ik dacht aan een burn-out of overspanning: daar heeft het niets mee te maken. Ook ligt het niet aan mij omdat ik te stom ben om te kunnen multitasken. Het is heel simpel: met mijn HSP antenne ben ik gewoon niet geschikt om zes dingen tegelijk op afroep te kunnen doen, zoals een gemiddelde doktersassistente dat wél heel goed kan. (Let wel: ik had het graag gekund!) Ik kan heel goed zes klusjes tegelijk doen, wanneer men mij met rust laat en het op eigen kunst, vliegwerk en inzicht mag want dan wordt het nog geweldig ook.
Overal en nergens zijn op het moment dat er een nieuw computersysteem in werking is, dat gaat wel heel goed. Aan knoppen en draadjes draaien, verschillende beeldschermen vertalen. Vindingrijk en snel schakelen. Het brein juicht. Uitleggen waar gegevens voortaan te vinden zijn en waarom. Helpen. Nodig zijn, met zinvol werk. Daarvan krijg ik vleugels, zo weet ik uit de afgelopen week.
Maar als veel personen tegelijk in een drukke omgeving een beroep op mij doen, dan wordt het lastig. Mijn HSP geweten speelt op omdat ik alles aandachtig, tegelijk, deugdelijk en moreel juist wil doen #stopdetijd. Daar zit hem de kneep. In de angst fouten te maken dwaal ik af, mijn aandacht wordt verdeeld en ik raak niet alleen de draad kwijt, maar ook mezelf. Dat veroorzaakt weer gewetensvol gepieker en gepeins over mijn algeheel functioneren, (overigens totaal niet nodig) waardoor ik mezelf nog slechter ga voelen en in een negatieve spiraal beland. Op zulke dagen kom ik gesloopt thuis.
Moeite hebben met werkprocessen waarvan ik vind dat ze veel sneller en efficiënter zouden kunnen verlopen. Afhaken bij zaken die ik niet nuttig of zinvol vind. Omdat ik het hele plaatje al heb gezien en ook heb gezien hoe het anders kan. Maar door de waarnemingen die ik opvang met mijn antenne en de beren onderweg al heb afgeschoten voor ze überhaupt op de weg zouden kunnen verschijnen, loop ik te ver op zaken vooruit en kan ik niemand op mijn weg meenemen. Die antenne is handig, maar leg maar eens aan een ander uit waarom je persé rechtsaf zou moeten slaan in plaats van links, simpelweg omdat je de weg al hebt “gezien”.
Dingen al weten maar dat niet duidelijk kunnen uitleggen. En toch behoefte hebben aan duidelijke, open communicatie. Typisch HSP.
Voorlopig lees ik dus verder. Niet alleen de boeken van ervaringsdeskundigen maar ook materiaal dat is geschreven uit wetenschappelijk oogpunt. Ik verwonder, leer en groei in reusachtig tempo.
Mijn zelfvertrouwen groeit dapper met me mee.