Archief van
Tag: begin

Start

Start

Vorige week kreeg ik groen licht van de fysio om met een minutenwals te starten. Dat wil zeggen: een minuut rustig dribbelen (ofwel zachtjes hardlopen) gevolgd door twee minuten wandelen.

Groot feest; zelfs de zon kwam tevoorschijn. Een koninklijk begin. Een minuut leek te kort maar bangschijterig geworden voor nieuwe blessures, heb ik me er keurig aan gehouden.

Braaf doe ik ook de oefeningen van de fysio. Ik heb simpele oefeningen meegekregen om mijn lijf sterker te maken en daarmee andere blessures die op de loer liggen, af te wenden. Helaas verstaat de fysio blijkbaar iets heel anders onder het begrip “simpel” en dus voel ik inmiddels spieren op plekken waar ik ze niet verwacht had.

Vervolgens ben ik teruggekeerd naar mijn loopvrienden op de baan bij Atos. Ook hier heb ik me keurig aan de minutenwals gehouden. Het was thuiskomen. Hoewel ik goed weet dat langzaamaan lopen beter is, vind ik het moeilijk om dat vol te houden. Maar ik doe het; ik wil niet wéér aan de kant eindigen.

Ik realiseer me ook dat de keuze dit keer aan mij is. Het is vijf voor twaalf. Rustig aan doen betekent blessures voorkomen en lief zijn voor mijn lijf. Langer meegaan dan de korte termijn.

Mijn klokje lonkt vals, loenst naar me met de rondetijden en de hartslag. Wil ik mezelf niet verliezen dan moet ik nu een keuze maken.

Mijn klokje bungelt los aan mijn pols, vergezeld door mijn nieuwe vriendje slak. Als reminder, opdat ik niet vergeet. Slakken komen immers overal; het duurt alleen wat langer. Het zijn sterke en tegelijkertijd gevoelige wezens die hun lijf in de strijd gooien op momenten dat ze ergens vol voor gaan. Voor zaken die ertoe doen. Zinnigheid staat voorop.

Een nieuw begin; lopen met het hart ofwel hartlopen. Ik heb het nog niet eerder zo gedaan maar ik denk dat ik het wel kan.

❤️

Equi'libre

Equi'libre

Het gebeurde vanmorgen zomaar weer. Even nadat ik een grote zucht des levens had geslaakt, fladderde er een bontgekleurde vlinder om mijn hoofd, om zich even later op de uitbundig bloeiende witte lobelia te nestelen.
Dat klinkt gek in oktober. Toch is het zo; in de bloembak die de schutting overgroent, bevindt zich een meer dan uitbundig bloeiende lobelia. De vlinder, een Atalanta, leek aarzelend op mij te wachten en toen ik me op het bankje voor het schuttingbloemperk liet zakken, kwam ze in beweging.
Opnieuw fladderde ze een rondje om mijn hoofd, landde op het puntje van de bank naast mij en bleef zitten. Een ogenblik later fladderde ze weg, richting de vijver. Toen ik verbaasd opstond om de tuin te verder te inspecteren op dood blad, verstopping en andere herfstige narigheid, was de vlinder in geen velden of wegen te bekennen. Geen wonder want het was behoorlijk fris met een waaierig windje plus een lichte bui.
Om mijn hoofd fladdert een setje koolwitjes. Wanneer ik mijn kinderhand uitstrek, landt een van de twee sierlijk op de rug ervan. Voorzichtig wapper ik met mijn vingers om de vlinder te laten wegvliegen want eigenlijk vind ik het best eng. Elders in de tuin wiegen Atalanta’s op de pioenrozen, die achterin de tuin staan, bedwelmd door de zoete geur. Het koolwitje heeft mijn vinger vastgeklemd met haar pootjes en wil niet vertrekken. Ik gil het uit, weg met haar! Vlieg, in vredesnaam, vlieg! In paniek fladdert het koolwitje zenuwachtig omhoog, stopt acuut met bewegen en valt op de grond. Ik raap haar op, dit was ook niet de bedoeling. Voorzichtig zet ik haar op het schildersverdriet, dat als een roze slingerrand om het garageperk lijkt te zijn geweven.
Ik schrik wakker uit mijn overpeinzing en ik ken het antwoord op de vraag die zich al een tijdje in mijn hoofd heeft geparkeerd, als ongenode gast. Het is niet te bevatten hoe prachtig de tuin is geworden. Er is niks wezenlijks veranderd behalve dat ik er veel meer tijd, liefde en aandacht heb ingestoken dan andere jaren. Anno tweeduizendveertien. Het jaar waarin ik blijkbaar van mijn tuin ging houden. En zij van mij. Wederzijds respect.
Het is evenwicht. Balans. Weegschaal in beweging. Met hier en daar een levend teken van buitenaf. Het is goed.
Heel goed.