Archief van
Tag: autorijden

Retour

Retour

Onze oprit lag er verlaten bij, nadat Björn werd teruggereden naar de garagemeneer. Het was een kale bedoening.  Met het vertrek van onze gouden koets was evens een nijpend vervoersprobleem ontstaan.

Deze week is een beroep op meerdere vierwielers nodig in verband met verschillende school-, examen- en andere productieve werkzaamheden. Daarnaast is het deze week Boekenweek; mijn letterkind “Over de vloer” wordt komende donderdag gedoopt en hiervoor staan enkele ritjes richting boekhandel, slijterij en ander logistieke doelen op de planning. Heen en weer. Natuurlijk kan ik dat ook op de gouden tweewieler uitvoeren, maar in Nederland is nooit iets zeker wat het weer aangaat en wanneer het keihard regent wanneer ik onderweg ben met mijn stapeltje leeswerk is dat toch een beetje zonde van het werk en van de boeken.

In verband hiermee besloten we na een korte en pittige gezinsvergadering om het mechanische kind naar huis te halen. Anders, het mechanische klassiekerkind, is inmiddels een ferme nagel aan mijn doodskist maar eveneens is hij het kind wat niet thuis is waardoor het gezin niet compleet aanvoelt. Hij stond een tijdje te koop, in Ophemert, bij een  klassieke Volvo garage, waar ze verstand hebben én houden van mechanische Zweedse kinderen in alle vormen en uitvoeringen die er te vinden zijn. Helaas is gebleken dat de verkoop in klassiekers terugloopt dus stond onze Anders een tijdje winkeldochter te zijn op het garageterrein. Aangezien er wat ritten te verdelen zijn deze week, kan onze Anders zijn mechanische B30E hartje ophalen, samen met mijn lief.

De terugkeer van het verloren kind voelde eerlijk gezegd dubbel en ik realiseer me dat het eerstewereld problemen zijn. Er is niemand ziek of gewond, we leven niet in oorlog en toch voelde ik me wat mismoedig en verdrietig. In de ochtend een halve belofte van de gouden koets waarvan de droom uiteenviel, waarna diezelfde middag het blauwgroene Volvokind achteruit kwam rijden, de oprit op. Met mijn lief als stralend middelpunt. Voorzien van een bescheiden uitlaatwolkje pruttelde het mechanische kind keurig in zijn achteruit, manoeuvreerde zich op zijn eigen plek zodat het leek alsof hij nooit was weggeweest.

Een uurtje later was hij opgenomen aan de hartbewaking; onderweg was de B30e motor helaas een keertje afgeslagen en doordat de accu leeg was geraakt, kwam Anders niet zo gemakkelijk meer aan de praat. Na een ferme poetsbeurt, waarbij het stof en wat vogelcadeautjes werden verwijderd, stond het mechanische kind glimmend en grijnzend op zijn plaatsje. Ik stapte voorzichtig achterin de auto en snoof een flinke portie  jaren ’70 lucht op, die uit zijn binnenste opsteeg. Op slag was ik terug in de tijd, augustus 2011. Onze proefrit in Heerhugowaard. Nadat ik met mijn ogen knipperde zag ik mezelf in Frankrijk rijden, met aanhanger, in 2013, het jaar waarin mijn moeder overleed. Ondanks zijn grillige kuren en gebreken hield zij van ons Volvokind, was ze een trotse auto-opoe.

Met een hoofd vol dubbele gedachten en rondtollende emoties stapte ik uit de auto. Even keek ik achterom en echt, ik zou hebben gezworen dat onze Zweedse boef mij een stiekeme knipoog gaf.

Björn

Björn

Zeven jaar geleden namen we afscheid van onze Lars, een Volvo 940 station die met zijn gewicht een bijvangst leek te zijn geworden voor de belastingdienst. We waren aan het verbouwen en dus werd het Prinsjesdag in ons gezin; inclusief bezuinigingen. Lars werd vervangen door Anders, een klassieke Volvo 164E uit 1972. Hij was wegenbelastingvrij en in zijn buik had hij een LPG-tank.

Het leek geweldig, maar Anders bleek echter bij herhaling lichamelijke gebreken te vertonen en dus kochten we in 2013 een voertuig “tussendoor” om de vervoersproblemen in ons gezin op te lossen. Anders zou in die tijd verder worden afgesleuteld en gerepareerd. Belangrijk was dat er kano’s op het dak konden worden vervoerd (met twee kanoënde gezinsleden geen overbodige luxe), de auto moest veilig zijn en liefst ook vertrouwd, na drie jaar Volvo sleutelarij. Het werd een donkerrode Volvo 240 station uit 1992. We noemden hem Lange Frans.

Toen onze Anders na een uitgebreide revisie weer over de weg kon zoeven, werd Lange Frans overbodig en dus werd hij verkocht. Heel lang mocht de rijvaardigheid van onze Anders niet duren; eind 2015 stierf zijn versnellingspook en schoot zijn elektrisch systeem in een permanente shock en dus ontstonden er opnieuw vervoersproblemen. Weer kochten we een tussendoor auto, dit keer in de vorm van Duitse Dolf, een Opel Zafira met zeven zitplaatsen. Ook hij verleende sportief asiel aan enkele kano’s op zijn dak.

Tot onze schrik besloot Duitse Dolf onlangs echter om er de brui aan te geven. Het was vreemd dat Anders dit keer compleet onschuldig was. Het toeval wil namelijk, dat ons oude Zweedse kind te koop staat,  ergens in de Betuwe waar ze verstand hebben van oude Volvo’s en er – net als wij – zielsveel van houden. Na zeven jaar sleutelarij loopt het kind als een zonnetje en staat hij in al zijn pracht, compleet gereviseerd, mooi te zijn in een showroom.

Weer moesten we de automarkt betreden. We hadden wat wensen: we wilden graag een middenklasse occasion, die zuinig zou rijden, een hoge instap moest hebben, veilig zou zijn, de brandstof moest gas (G3) worden, de auto moest automatisch schakelen en uiteraard moest het geheel ook een beetje smoelen. Netjes noteerde een meneer onze wensen op een schrijfblokje. Onze droomauto was niet voorradig maar hij zou voor ons uitzien en ons bellen bij een matchende vangst.

Soms neem je echter ineens spontaan iets in je ooghoek waar, waarbij je aantrekkingskracht niet zozeer wordt beïnvloedt,  maar gewoon geheel wordt overgenomen. Een “je ne sais quoi” waarvan je hart niet alleen sneller gaat kloppen, maar zelfs een beetje overslaat. Na enkele seconden wist ik dat de gouden koets in een donker hoekje van mijn blikveld, een Volvo V70 cross country,  Björn zou heten en met ons mee zou gaan, waar ook naartoe. De ratio vloog door de ramen naar buiten, ik stapte in, wist genoeg en was verkocht.

Met zo’n auto heeft het verstand niets meer te vertellen. Het hart holt ver vooruit en ik hol dapper mee.