Thuis

Op oudejaarsdag 2015 bezochten we de andere moeder, miss Alzheimer. Tussen de vlagen van verwarring en totale paniek wilde ze graag bespreken wat er moest gebeuren wanneer ze zou komen te overlijden. Een niet alledaagse dag voor een niet alledaags gesprek.

Nu was dat bespreken wat lastig, want ten eerste kwamen de zinnen er niet volledig uit. Ten tweede was niet zeker, of haar wensen vervuld konden worden want feitelijk was er sprake van wilsonbekwaamheid, al stond dat nergens genoteerd. Het gesprek verliep moeizaam; de ene keer gaf ze glashelder antwoord, de andere keer bleef het antwoord hangen onderweg, richting spraakcentrum.

Twee zaken rondom haar overlijden werden glashelder. Ze wilde niet begraven worden. Maar wat ze met de as wilde, daar kwam ze in eerste instantie niet uit. Tot haar gezicht oplichtte en ons aankeek. Mocht ze in de tuin staan, net als #mams? In een huisje van klei? Het leek ons een prachtige wens. Wel spraken we af, dat we tussen de twee urnen een perkje of stukje vrij zouden houden. Tegen het ruziemaken, want mijn schoonmoeder kon af en toe redelijk uit de bocht schieten. Ze keek ons met glimmende oogjes aan, lachte schaterend en gaf ons gelijk.

Mijn schoonmoeder kwam er niet uit of ze nou een mandoline op de urn wilde hebben of een uil. Allebei was het goed. Als er maar een mandoline of een uil op stond. Dat dus. En die dingen, met snaren en een snavel, dat moest ook op de kaart. Oh, en de hondjes ook. In haar kriebelige handschrift, dat in het Alzheimer tijdperk veel weg had van hiërogliefen, schreef ze dat ze een fijn leven had gehad. Het papiertje smokkelden we mee.

In april kwam miss Alzheimer vrij onverwacht – en vrij vlot na haar plotselinge  verhuizing- te overlijden. In overleg werd besloten, dat alles naar haar wens zou geschieden. Afscheid in kleine kring en de uiteindelijke uitvaart in wat je kunt noemen intieme kring. Met uitsluitend de personen, die mijn schoonmoeder tot haar overlijden terzijde hebben gestaan.

Voor de tweede keer in mijn leven vertrok ik –dit keer samen met de #handigeman- naar de Zuidoostbeemster, richting Bob Ernsting, de kunstenaar die prachtige schalen maakt, keramische werken voor in de tuin, theeserviezen en…. urnen.

 In 2013 maakte Bob  het zonnebloem huisje voor mijn moeder. Hij wist het nog en vond het een meer dan bijzonder idee, dat hij nu ook een huisje voor de andere moeder mocht ontwerpen voor in de tuin.

De wens van miss Alzheimer werd voorgelegd. Met in het achterhoofd, dat de urn ongeveer dezelfde vorm en belijning zou moeten krijgen als die van mijn moeder maar wel met een compleet eigen identiteit. Om passend apart bij elkaar te kunnen staan in de tuin. Alternatief samenwonen, met een stukje eigen ruimte ertussen.

Eind juli was de urn klaar. Toen we hem gingen ophalen, waren manlief en ik beiden geraakt door de schoonheid van het resultaat, dat mooier was geworden dan we hadden kunnen bedenken. Het uiltje, prominent en toch bescheiden aanwezig op de urn, heeft een heldere blik die van mijn schoonmoeder had kunnen zijn. De takken die de urn omstrengelen, zijn van dezelfde vorm geworden als de takken op de urn van #mams. Het past, het voegt, het is af.

Onlangs hebben we in besloten kring, de as van #missAlzheimer overgegoten naar de urn. Een vreemd karwei, dat ik hier verder niet zal beschrijven. Het voelde goed. Daarna hebben we miss Alzheimer naar haar plekje in de tuin gedragen en op een mooie sokkel gezet.
Vanuit mijn keukenraam kan ik beide urnen zien en soms kan ik beide moeders een beetje zien glimlachen.

Voor meer info over de urnen, bezoekBob Ernsting of Urnen van keramiek20160807_113725

20160807_113741


Voeten

Mijn grootste belasting in het “HSP zijn”, is dat mijn gedachten overal circuleren,  behalve in het hier en nu. Dat maakt dat ik me onbewust met teveel zaken bemoei, die er eigenlijk helemaal niet toe doen. Verspilde moeite en energie. In de HSP leergang krijg ik lessen in de omgang met leven in het hier en nu.

Het klinkt gemakkelijker dan het is. Graag zou ik willen mediteren, met gesloten ogen. Even een moment terugtrekken in mezelf. Maar zodra ik mijn ogen sluit, neemt mijn brein het over en speelt ze een spelletje met mij. Dat varieert van verstoppertje spelen tot schapen tellen in de wei en oh, de brug is kapot en er ligt een kip in het water. Hi, ha ho, de wasmachine brult. Mijn hoofd vindt het maar moeilijk, mediteren. Heel moeilijk.

Dan vraagt mijn begeleider mij om mijn ogen te sluiten en me te focussen op mijn voeten. Ik zit op een rechte stoel, mijn rug goed gesteund en mijn voeten staan goed op de grond. Even later vraagt ze of ik verschil voel tussen mijn linker en rechtervoet, in warmte, of in grootte. Vervolgens vraagt ze, of mijn voeten even breed aanvoelen, of dat er een verschil in zit.

Tot mijn verbazing voelen mijn voeten niet gelijk. Ik zou willen kijken maar dat kan niet, ik moet immers mijn ogen gesloten houden. Wat raar. Nog vreemder is dat mijn gedachten bij mijn voeten blijven. Ineens voel ik, dat mijn rechtervoet een beetje tintelt. Nog steeds blijven mijn gedachten bij mijn voeten.

Mijn begeleider vraagt of ik de binnenkant van mijn voet voel, met alle botten, gewrichten, bloedvaten, pezen en spieren. Nee hoor, ik voel gewoon een soort van twee klompjes vlees, waarvan de ene tintelt en de andere klomp breder lijkt te zijn. Wel voel ik een verbondenheid met de vloer opkomen, mijn voeten lijken als twee magneten te zijn geparkeerd. Ik zou willen gniffelen want diep van binnen vind ik het allemaal heel gek maar het gebeurt niet want mijn grapjurkstemming waait net zo hard weer over.

Door het open raam van de praktijk ruimte hoor ik een troep ganzen overvliegen. Mijn gedachten visualiseren de weide in de buurt van ons huis. Daar huist een grote groep ganzen, die tussen de paarden en de koeien wonen. Regelmatig vliegen ze over de tuin, veroorzaken een enorm kabaal en tegelijkertijd ook ontroering en verwondering, over zoveel moois.

In plaats van dat mijn gedachten bij de ganzen blijven, kan ik ze weer mee terug nemen naar mijn voeten, waarvan de linker ietwat kouder aanvoelt en de rechter nog steeds tintelt. Ongelooflijk. Net nog zweefde ik over de weide en nu ben ik gewoon weer hier. Het is dus blijkbaar toch mogelijk, met mijn gedachten in het hier en nu zijn en blijven.

De begeleider zegt dat ik mijn ogen mag openen, op een zelfgekozen moment dat voor mij prettig is. In eerste instantie vind ik dat helemaal niet fijn, het voelt net zo comfortabel met mijn ogen dicht, spelen met gedachten die komen maar ook weer lijken te gaan. Met open ogen ben ik immers weer zo snel afgeleid.

Tot mijn verbazing openen mijn ogen zich op een min of meer zelfgekozen moment en ik voel me zowel rustig en kalm als zelfverzekerd, klaar om de wereld met open ogen tegemoet te treden.

Noot:
Deze methode is geschikt voor mij, maar dat wil niet zeggen dat hij ook voor jou of anderen geschikt is. Wanneer je HSP bij jezelf vermoedt, zoek altijd contact met een professionele hulpverlener om erachter te komen of je vermoeden klopt en hoe je hierin begeleid kunt worden. Het is heel gemakkelijk om te verdwalen in het woud der verwarring waarin de HSP-straatnaambordjes alle kanten op wijzen.