Start

Start

Vorige week kreeg ik groen licht van de fysio om met een minutenwals te starten. Dat wil zeggen: een minuut rustig dribbelen (ofwel zachtjes hardlopen) gevolgd door twee minuten wandelen.

Groot feest; zelfs de zon kwam tevoorschijn. Een koninklijk begin. Een minuut leek te kort maar bangschijterig geworden voor nieuwe blessures, heb ik me er keurig aan gehouden.

Braaf doe ik ook de oefeningen van de fysio. Ik heb simpele oefeningen meegekregen om mijn lijf sterker te maken en daarmee andere blessures die op de loer liggen, af te wenden. Helaas verstaat de fysio blijkbaar iets heel anders onder het begrip “simpel” en dus voel ik inmiddels spieren op plekken waar ik ze niet verwacht had.

Vervolgens ben ik teruggekeerd naar mijn loopvrienden op de baan bij Atos. Ook hier heb ik me keurig aan de minutenwals gehouden. Het was thuiskomen. Hoewel ik goed weet dat langzaamaan lopen beter is, vind ik het moeilijk om dat vol te houden. Maar ik doe het; ik wil niet wéér aan de kant eindigen.

Ik realiseer me ook dat de keuze dit keer aan mij is. Het is vijf voor twaalf. Rustig aan doen betekent blessures voorkomen en lief zijn voor mijn lijf. Langer meegaan dan de korte termijn.

Mijn klokje lonkt vals, loenst naar me met de rondetijden en de hartslag. Wil ik mezelf niet verliezen dan moet ik nu een keuze maken.

Mijn klokje bungelt los aan mijn pols, vergezeld door mijn nieuwe vriendje slak. Als reminder, opdat ik niet vergeet. Slakken komen immers overal; het duurt alleen wat langer. Het zijn sterke en tegelijkertijd gevoelige wezens die hun lijf in de strijd gooien op momenten dat ze ergens vol voor gaan. Voor zaken die ertoe doen. Zinnigheid staat voorop.

Een nieuw begin; lopen met het hart ofwel hartlopen. Ik heb het nog niet eerder zo gedaan maar ik denk dat ik het wel kan.

❤️

#teamslak

#teamslak

Ergens op mijn trainingsroute, tussen de 10 en 12 km is het misgegaan. Tijd en afstand werden belangrijker dan het plezier in hardlopen. Ik ging ging jagen op prestaties en medailles. Op de overgang naar 2019 lag de valkuil, met mijn naam erop. Ik vloog eroverheen, in de overtuiging hem te vlug af te kunnen zijn. In januari vloog ik erin, met boter en suiker.

Al eerder in de herfst van 2018 had ik al voortekenen gekregen met hier en daar wat pijntjes. Deze wuifde ik glimlachend weg. Hardlopen was ook een beetje afzien en niet voor watjes. Weliswaar trainde ik op wat lager tempo maar de onrust won, liet ik winnen.

Nu ik bijna een maand niet meer heb hardgelopen, kan ik mijn acties van een zekere afstand bekijken. Ik schrik van het feit dat ik onbewust en onbedoeld van een ontspannen, recreatieve mindfulle loper, #teamslak metamorfoseerde naar een medaillegevoelige prestatieloper. Overigens in recordtempo.

Ik werd zo’n hardloper die voor een loopje steevast mekkert over van alles en nog wat, dat het vast niet gaat lukken om een tijd te halen. Want niet goed gerust, eten niet goed gevallen, blabla, etc. En dan tijdens een wedstrijd gewoon lekker lopen. Kortom: gezeur over niks. Ik leek op zo’n brugklasmiep die je vroeger in de klas had zitten. Zo’n zeikwijf dat altijd roept niet geleerd te hebben voor een schriftelijke overhoring Frans en die – heel verrassend – toch altijd een tien haalt.

Hardlopen is blijkbaar meer verslavend dan ik had ingecalculeerd en eerlijk gezegd moet ik bekennen dat ik het geen gezonde verslaving vind. Het is net zo ongezond als alcohol en roken, wanneer je verslavingsgevoelig bent en dat ben ik, jammer genoeg. De rush van het hardlopen zit echter verstopt onder een vals laagje gezonde sportiviteit dat, wanneer je niet oplet en gevoelig bent, net zo ongezond wordt als anorexia.

Op zich is er niets mis met jezelf willen verbeteren, het meten van prestaties en je grenzen opzoeken, verkennen en mogelijk verleggen. Maar voor mijn persoonlijkheid, met in haar pakket de elementen verslavingsgevoeligheid en eeuwig werkende intenne, is het ongezond en zelfs gevaarlijk. Het botst aan alle kanten; niet alleen op blessuregebied maar ook op geestelijk vlak.

Mijn blessure is daarom misschien wel een beetje mijn redding geworden. Het kan bijna niet anders want na wat pijnvrije dagen ontstond er een tweede spierknoop, waarmee hardlopen voorlopig van de agenda is geveegd. Het gekke is: ik vind het prima, ik ervaar rust, er is kalmte.

Het gaat goed komen, daarvan ben ik overtuigd. #teamslak wordt binnenkort weer een werkwoord om trots op te zijn, krijgt een nieuwe impuls. Slakken zijn namelijk heel belangrijk voor het hardlopen. Ze doen de hazen immers sneller lijken.